Referentiefuncties Dierhouderij

Functiecategorie

Functieschaal

Leidinggevend


Zoeken op oude referentiefunctienamen

Dierverzorger I

Kenmerken van de referentiefunctie

De dierverzorger I kan voorkomen op alle soorten van agrarische bedrijven waar dieren worden verzorgd t.b.v. fokken, mesten of de productie van dierlijke producten. De werkzaamheden kennen overwegend een kort cyclisch (dagelijks tot maandelijks) repeterend (terugkerend) patroon. Procedures, voorschriften en opdrachten zijn leidend. De focus ligt op het uitvoeren van gekende taken. De functiehouder heeft, in overleg met leidinggevende en collega’s, enige ruimte tot het indelen van het eigen werk. Collega/leidinggevende is consulteerbaar, operationele werkzaamheden worden afgestemd met op locatie aanwezige personen (collega’s/leidinggevende e.d.). De functiehouder is verantwoordelijk voor het verzorgen en inspecteren van verblijfsruimten. Daarnaast is hij/zij belast met het verzorgen van en selecteren binnen zijn/haar toegewezen dier(en)(groep) en (indien van toepassing) uitvoeren van het melkproces. Voorts draagt hij/zij zorg voor het overdragen van gegevens. De functiehouder bestuurt indien nodig gemotoriseerde voertuigen voor langzaam verkeer. De (niveau-)verschillen tussen de dierverzorger I en II worden aanvullend uiteengezet in de NOK-bijlage.

Organisatie

  • Direct leidinggevende: vakinhoudelijk leidinggevende
  • Geeft leiding aan: niet van toepassing
Resultaat­gebieden Taken Resultaatindicatoren
Verzorging en inspectie verblijfs­ruimten
  • schoonmaken en indien vereist ontsmetten van verblijfs-ruimten, apparatuur en gebruikte hulpmiddelen;
  • verzamelen en afvoeren van mest/afval naar de daartoe bestemde plaats;
  • indien wettelijk toegestaan bestrijden en/of verwijderen van plaagdieren;
  • inspecteren van verblijfsruimten, signaleren van (dreigende) onvolkomenheden, overleggen over te nemen maatregelen en verhelpen van kleine technische mankementen.
  • volgens procedure en instructie;
  • conform wet- en regelgeving;
  • kwaliteit uitgevoerde reparaties;
  • orde en netheid.
Dier­verzorging en -productie
  • op basis van eenduidige criteria selecteren en verzamelen van dieren;
  • begeleiden en transporteren van dieren op de locatie;
  • bereid voedsel (handmatig) doseren volgens instructie en voederen van dieren;
  • uitvoeren van eenduidige, routinematige handelingen aan dieren gebruikmakend van vereenvoudigende hulpmiddelen (bijv. gemechaniseerd oormerken);
  • assisteren bij medische en fysieke behandelingen van dieren;
  • (indien van toepassing) voorbereiden en melken van dieren, gebruik makend van conventionele dan wel geautomatiseerde systemen.
  • volgens procedure/instructie;
  • binnen wettelijke kaders;
  • optimalisatie dierenwelzijn;
  • tevredenheid collega’s/derden.
Informatie­voorziening en klacht­afhandeling
  • mondeling toelichten van bijzonderheden aan collega’s en leidinggevende.
  • mate van geïnformeerdheid collega’s/leidinggevende.

Bezwarende omstandigheden

  • Hinder van temperatuurverschillen, stof, stank, vuil en vocht.
  • Uitoefenen van kracht bij het verplaatsen en corrigeren van dieren, het tillen en verplaatsen van materialen en te verrichten schoonmaakwerkzaamheden.
  • Incidenteel gedwongen houding bij het in bedwang houden van dieren t.b.v. behandeling, voeding, verzorging of transport en bij reinigingswerkzaamheden.
  • Kans op letsel door uitglijden, dieragressie, vertillen, beknelling of infecties.

Het functieniveau wordt enkel bepaald door de inhoud van de functieomschrijving en niet door het competentieprofiel.

Kennis en vaardigheden

  • MBO 1 - 2 werk- en denkniveau (bij voorkeur agrarische richting).
  • Inzicht in de werking van apparatuur en systemen.
  • Kennis van gehanteerde procedures en werkinstructies.
  • Enige ervaring in een vergelijkbare functie.

Competentieprofiel

Bedrijfsmatig handelend (1):
  • komt op tijd op het werk;
  • voorkomt verspilling van zaken waarmee gewerkt wordt.
Beslissend en activiteiten initiërend (1):
  • is in staat te benoemen wanneer iets bijzonder is en het werk te onderbreken om de leidinggevende te waarschuwen.
Ethisch en integer handelend (2):
  • vermijdt handelingen die dierenwelzijn schaden, voorspelbaar milieu-/omgevingsschade veroorzaken.
Middelenbewustzijn (2):
  • is in staat te zorgen voor de benodigde materialen en middelen;
  • gebruikt materialen en middelen op de geëigende manier;
  • is in staat te zorgen voor onderhoud en opslag van de hem toevertrouwde materialen en middelen.
Plannend en organiserend (1):
  • slaagt erin het werk zo voor te bereiden dat hij handelingen op volgorde kan verrichten;
  • meldt als het werk niet op tijd af zal zijn.
Vakdeskundigheid toepassend (2):
  • werkt in een vlot tempo en kan met kleine wijzigingen omgaan;
  • is in staat eenvoudige taken goed en accuraat uit te voeren en maakt daarbij gebruik van eerdere ervaringen.

Functie-indeling - Niveau Onderscheidende Kenmerken (NOK)

Dierverzorger I Dierverzorger II
Aard van de werkzaamheden
  • Verzorging en inspectie bedrijfsruimten (focus ligt op nette, ordelijke en functionerende verblijfsruimten en bestrijding plaagdieren).
  • Dierverzorging en -productie (focus ligt op elementaire dierverzorging en productie).
  • Informatie (focus ligt op het mondeling toelichten van bijzonderheden).
  • Idem I.
  • Dierconditie, -verzorging en -productie (focus ligt Idem I + afwijkend gedrag, voedselbereiding en verzorging).
  • Informatie & registratie (focus ligt idem I + schriftelijk vastleggen van gegevens/bijzonderheden).
  • Bediening, controle en onderhoud geautomatiseerde systemen.
Vrijheidsgraden
  • De werkzaamheden kennen overwegend een kort cyclisch (dagelijks tot maandelijks) repeterend (terugkerend) patroon.
  • Procedures, voorschriften en opdrachten zijn leidend. Er is enige mate van vrijheid tot het indelen van het eigen werk.
  • Collega/leidinggevende is consulteerbaar, operationele werkzaamheden worden afgestemd met op locatie aanwezige personen (collega’s/leidinggevende e.d.).
  • Idem I.
  • Procedures, voorschriften en te behalen resultaten zijn leidend. Functiehouder deelt in overleg het eigen werk in o.b.v. dagplanningen.
  • Collega/leidinggevende is consulteerbaar, operationele werkzaamheden en te maken keuzes worden afgestemd met op locatie aanwezige personen (collega’s/leidinggevende e.d.).
Functiebenamingen (oud)
  • Niet van toepassing.
  • 04.10 Dierenverzorger.